Bacon en kipdij, die combinatie, daar had iemand vroeger een patent op aan moeten vragen. Zelfde idee als spareribs in party ribs: een sappig stukje vlees aan de binnenkant, rokerig en plakkerig van buiten. Mensen kunnen hier letterlijk niet vanaf blijven. Ik noem ze voor de herkenning kipdijfilet met bacon van de barbecue maar in de volksmond gaat deze door als kip-bacon bommetjes. Want dat zijn het feitelijk gewoon! Smaak bommetjes van de barbecue. Hieronder de complete uitleg: welk vlees je koopt, hoe je de bacon strak om de kipdij krijgt, hoe je voorkomt dat je glaze verbrandt op de BBQ, en alles wat je moet weten om dit recept zelf op je eigen barbecue te maken!
Waarom kipdijfilet (en niet kipfilet)
Het verschil tussen kipfilet en kipdijfilet is groter dan veel mensen denken. Kipdijfilet is het vlees van de bovenpoot van de kip, zonder bot en zonder vel. Donkerder van kleur dan kipfilet, met meer vet en bindweefsel.
Dat verschil maakt alles uit op de BBQ:
- Sappiger. Vetdooradering houdt de kipdij sappig, ook als je hem net iets langer grilt dan nodig.
- Voller van smaak. Het donkere vlees en vet heeft een rijkere smaak, met name in combinatie met rook.
- Vergevingsgezinder voor beginners. Kipfilet wordt droog vanaf 73 tot 74°C, kipdijfilet kan probleemloos tot 78 tot 80°C.
- Goedkoper. Bij de meeste slagers en winkels wel 30 tot 40 procent goedkoper dan kipfilet.
Kortom: voor de BBQ is kipdijfilet bijna altijd de slimmere keuze, ook als je daarna soep maakt van de restjes.
Welke bacon werkt het beste?
Niet alle bacon is hetzelfde. Drie types die je tegenkomt:
- Ontbijtspek (dun gesneden bacon, gerookt) is mijn voorkeur voor dit recept. Buigt makkelijk om de kipdij, wordt mooi krokant zonder droog te worden, en geeft een fijne rooksmaak.
- Gewone bacon (dikker, gerookt of niet) werkt ook, maar laat zich minder makkelijk strak omwikkelen. Heb je dik gesneden bacon? Maak het dan even plat met een vleeshamer voordat je gaat wikkelen.
- Pancetta is de Italiaanse versie, niet gerookt, vaak iets zouter. Lekker maar net even anders. Heb je pancetta liggen, prima alternatief.
Reken op 2 tot 3 plakjes bacon per stuk kipdijfilet. Te weinig en je krijgt geen wikkel, te veel en je proeft vooral bacon.
De BBQ-saus/glaze
De glaze is wat de kipdij die mooie laklaag geeft. Twee opties:
Standaard BBQ-glaze:
- 4 el BBQ-saus (zelfgemaakt of een goeie uit een fles)
- 1 el bruine suiker
- 1 el appelazijn
- 1 tl worcestersaus
Honing-versie (voor wie iets zoeter wil):
- 3 el BBQ-saus
- 2 el vloeibare honing
- 1 tl appelazijn
Wij gaan in dit recept voor de honing versie, die werkt wat ons betreft hartstikke mooi. Zowel voor smaak als glans. Het is belangrijk deze glaze niet te vroeg op de kipdij te smeren. Suiker en honing verbranden als je die te lang blootsteld aan een hoge temperatuur. Je glaze gaat er pas op in de laatste 10-15 minuten van de bereiding.
Wat eet je erbij?
Dit recept hoort thuis tussen “snack” en “hoofdgerecht”. Als hoofdgerecht voor 4 personen kies ik er vaak het volgende bij:
- Gegrilde aardappelpartjes met rozemarijn (zelfde BBQ, naast de kipdij)
- Coleslaw met yoghurt en mosterd
- Gegrilde groenten zoals courgette, paprika, asperges
- Een groene salade met augurken en feta
- Een paar zachte broodjes om de glaze mee op te pakken
Als snack serveer je het met:
- Een schaaltje extra BBQ-saus om in te dippen
- Cocktailprikkers en een mooi opgemaakte snijplank
- Augurken en gepekelde uitjes voor frisheid

Ingrediënten
- 8 stuks kipdijfilet
- 16 plakjes lange stroken ontbijtspek
- 2-3 eetlepels BBQ Rub
Voor de BBQ glaze/saus
- 4 eetlepels Smokey BBQ saus
- 2 theelepels honing
- 1 theelepel appelazijn
Uitrusting
- 1 handje kersenrookhout
- 8 kleine sateprikkertjes
Voedingswaarden
Instructies
- We beginnen in dit recept door de kipdijfilet uit de verpakking te halen, goed droog te deppen en te ontzien van overtollig vet. Dan strooien we de kipdijfilet in met een mooi laagje van onze BBQ rub en onwikkelen we ze met 2-3 strookjes lange ontbijtspek totdat ze volledig gedekt zijn. Zet de onbijtspek vast met een sate prikker zodat deze mooi blijft zitten.

- We maken nu de laksaus door BBQ saus te mengen met honing en appelazijn. Dit zetten we in de koeling.

- We steken de barbecue aan op een koepeltemperatuur van 150 graden Celsius.

- Zodra deze temperatuur is bereikt strooien we een handje kersen rooksnippers over de kolen en leggen we de kipdijfilet met bacon op het rooster. We laten ze nu doorgaren tot een kern van 65 graden Celsius.

- Hebben ze deze kerntemperatuur bereikt? Dan is het tijd om de kip bacon bommetjes in te lakken, we doen dit elke 10 minuten even totdat de kerntemperatuur van 75-78 graden is bereikt.

- De kipdijfilet met bacon mag hierna van de barbecue af en kan je direct serveren. Eet smakelijk!

Heb je deze kipdijfilet bacon bommetjes zelf op de BBQ gemaakt?
Ik ben heel benieuwd naar jouw resultaat! Laat vooral van je horen via de reacties onderaan deze pagina of stuur een berichtje via een van mijn social media kanalen. Vind je het leuk om op de hoogte te blijven van nieuwe BBQ recepten? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief, zo mis je geen enkel nieuw gerecht en krijg je wekelijks verse inspiratie in je inbox.
Meer zin gekregen in barbecueën na dit kipdijfilet recept?
Op mijn site vind je een uitgebreid aanbod aan BBQ recepten. Alles van snelle hapjes tot low & slow klassiekers waar je gerust een halve dag voor uittrekt. Gebruik het menu bovenaan de pagina om makkelijk door de recepten te bladeren. Binnen de categorie ‘BBQ recepten’ vind je handige subcategorieën met een overzichtelijke indeling en zoekfunctie. Genoeg om van te watertanden!
BBQ’en leer je bij Turn Don’t Burn
Turn Don’t Burn is er voor iedereen die zijn barbecue skills wil verbeteren. Of je nu net begint of al jaren grilt: je vindt hier volop recepten, tips en handige uitleg om met meer vertrouwen én plezier aan de slag te gaan. Alles draait om smaak en om het genieten natuurlijk.
Heb je vragen over dit recept of wil je gewoon iets kwijt? Laat dan gerust een reactie achter onderaan deze pagina of stuur me een bericht via social media.
En denk eraan,
Turn Don’t Burn