Meng de bloem, basterdsuiker, bakpoeder, citroenrasp en het zout door elkaar. Snijd de koude boter in blokjes en voeg deze samen met het vanille-extract en een half losgeklopt ei toe. Kneed alles kort tot een samenhangend deeg. Kneed het deeg niet langer dan nodig, anders wordt de bodem minder bros. Vorm het deeg tot een platte schijf, verpak het en laat het minimaal 1 uur rusten in de koelkast.
Wel de rozijnen ongeveer 10 minuten in warm water. Laat ze daarna goed uitlekken. Schil ondertussen de appels, verwijder de klokhuizen en snijd ze in dunne partjes. Meng de appels met de kaneel, basterdsuiker, custardpoeder, het citroensap en de rozijnen. Het custardpoeder zorgt ervoor dat het vocht dat tijdens het bakken uit de appels komt wordt opgenomen. Zo voorkom je dat je appeltaart een zompige bodem krijgt.
Steek de barbecue aan en breng hem naar een temperatuur van ongeveer 180 °C. Bak de appeltaart indirect met de deflector plates. Plaats bij voorkeur een pizzasteen boven de deflector plates om de warmte onder de taart mooi te verdelen. Laat de kamado goed op temperatuur komen voordat de taart erin gaat.
Vet een springvorm van 24 cm in en bekleed de bodem eventueel met bakpapier. Houd ongeveer een kwart van het deeg apart voor de bovenkant. Bekleed met de rest van het deeg de bodem en de zijkanten van de springvorm. Verdeel de appelvulling over het deeg en druk deze goed aan. Rol het resterende deeg uit en snijd er repen van. Leg deze kruislings over de appelvulling zodat er een klassiek raster ontstaat. Bestrijk het deeg met het losgeklopte ei.
Plaats de springvorm op de pizzasteen en sluit de deksel. Bak de appeltaart ongeveer 65-75 minuten op 180 °C. De taart is klaar wanneer het deeg mooi goudbruin is en de appels zacht zijn geworden. Haal de taart uit de barbecue en laat hem goed afkoelen voordat je de springvorm verwijdert.
Verwarm de abrikozenjam kort en bestrijk hiermee het raster van de appeltaart voor een mooie glanzende finish. Serveer de appeltaart lauwwarm met een flinke lepel slagroom. Eetsmakelijk!